Tag Archief van: leercoach

Hoogbegaafd, wat is het ?

Deze week is het de week van de hoogbegaafdheid. Mooi moment om eens wat meer stil te staan bij wat hoogbegaafdheid is. Wat betekent het als je hoogbegaafd bent? Wat zijn de valkuilen? Hoe haal je het beste uit je slimme kind?

Wat is intelligentie?

De omschrijving voor intelligentie die het meest wordt gehanteerd is: Het vermogen om doelgericht te kunnen handelen, rationeel te denken en dit goed toe te kunnen passen. In het geval van een kind wordt gekeken of het een kind lukt om zich aan zijn omgeving aan te passen en over welke vaardigheden beschikt het. Er is dus naast een vaardigheidsonderzoek over welk niveau een kind heeft bij het schoolse leren ook een grijs gebied. Om te kunnen slagen zijn doorzettingsvermogen en anderen persoonlijkheidskenmerken nodig. Die vaardigheden zijn moeilijk meetbaar. Een hoog IQ hoeft dus niet automatisch in te houden dat een kind ook hoogbegaafd is.

Verdeling IQ scores

Grofweg is de IQ score verdeeld in groepen, een IQ van 70 en lager wordt gezien als moeilijk lerend. Van 80 tot 90 ben je beneden gemiddeld intelligent, van 90 tot 110 spreken we van een gemiddeld IQ, van 111 tot 120 bovengemiddeld ,bij 121 ben je begaafd en vanaf 130 hoogbegaafd.

Wat is hoogbegaafdheid?

De term hoogbegaafd krijg je als je een IQ vanaf 130 hebt. Zoals hierboven te lezen is blijft er een gebied onderbelicht. Daardoor zegt zo’n getal niet alles en kan het voorkomen dat een kind dat goed heeft gescoord op de IQ test toch in de praktijk moeilijkheden tegenkomt.

Testen

Het IQ wordt vaak bepaald door testjes. Zo wordt gekeken of een kind ziet wat er op een afbeelding van een voorwerp ontbreekt, de algemene kennis wordt getest maar ook bijvoorbeeld rekenen, er wordt getest op maar liefst 13 deelgebieden. Hier wordt een scoringstabel op gelegd waarin ook de leeftijd van het kind wordt meegenomen. Een goede test krijg je door alle factoren mee te nemen tijdens het testen. Zoals de omstandigheden waarin de test heeft plaatsgevonden, observaties tijdens het onderzoek, schoolresultaten maar ook medicijn- en stemmingmiddelengebruik etc.

Verbaal/ performaal

Wat wordt nu bedoeld met verbaal en performaal? Niet alle soort intelligentie zijn bij elk kind even sterk ontwikkeld. Disharmonie is een veelvoorkomend verschijnsel. Veel hoogbegaafden hebben een hoog verbaal IQ: ze zijn taalgevoelig, denken snel en hebben een ruime woordenschat. Het performale IQ geeft aan hoe groot het handelend vermogen van het kind is.

Disharmonie

Een test kan de ontwikkeling van sterke en zwakke kanten laten zien.  Er is sprake van een disharmonisch profiel wanneer er opvallende verschillen bestaan tussen de verbale en de performale intelligentie. Dit is meestal een teken dat er iets aan de hand in de ontwikkeling.  Het wordt ook wel aangeduid met de term ‘verbaal/performaal kloof’.

Kinderen en jongeren die verbaal sterk zijn, worden overschat. Ze hebben vaak meer tijd nodig bij taken met ruimtelijk inzicht en organiseren. Kinderen en jongeren die non-verbaal sterk zijn, worden onderschat. Ze zijn juist sterk in visueel en praktisch handelen.

hoogbegaafd

Diverse testen

De bekendste testen die gebruikt worden zijn de WISC en de Rakit. Er zijn online veel gratis testen te vinden. Die geven misschien een beeld maar zijn zeker niet vergelijkbaar met testen die door psychologen of andere gekwalificeerde helpverleners worden afgenomen.

Valkuilen

Het algemene beeld is dat bij een kind dat hoogbegaafd is alles gemakkelijk en vanzelf gaat. Ze kunnen slagen zonder hulp. De valkuilen bij een disharmonisch profiel kunnen zijn dat een verbaal sterk kind overschat wordt en een performaal sterk kind onderschat wordt.

Ook onder hoogbegaafden komt bijvoorbeeld dyslexie en dyscalculie voor. Maar ook emotionele problemen als faalangst kunnen er voor zorgen dat een kind blokkeert. Dat gevaar  aanwezig omdat een hoogbegaafd kind anders denkt en dingen verwerkt dan een kind met een lager IQ. Niet beter, niet slechter, maar anders. Door steeds te ervaren dat je anders bent heb je de neiging je aan te passen. Op leergebied kan het averechts werken. Eén van de grootste problemen is dat hoogbegaafde kinderen niet hebben leren leren. Waar ligt dan eigenlijk het talent? Hoe ga je om met verwachtingen, geven die spanning en stress? Wat doe je als iets saai is, zet je dan door?

Meer informatie over hoogbegaafdheid vind je in het boek ‘Meer dan intelligent’ van Tessa Kieboom en Kathleen Venderickx. In dit boek worden de vele valkuilen bloot gelegd die er kunnen ontstaan bij het hebben van een hoog IQ . Maar ze reiken ook concrete tools aan die hoogbegaafden kunnen helpen om hun talenten te laten floreren en gelukkiger in het leven te staan.

Het boek vind je hier

Ik leer leren

Ik leer leren is een training een kind helpt om zijn/ haar eigen leerstijl te ontdekken. Tijdens 5 bijeenkomsten worden de leerstijl, faalangst en motivatie, plannen en organiseren, concentratie en uiteindelijk gemakkelijke manieren om saaie lesstof te kunnen onthouden behandeld.

Als je dus denkt, hoe is het toch mogelijk dat mijn slimme, al dan niet hoogbegaafde kind toch slechte cijfers haalt. Laat het het dan zelf uitzoeken en volg een training bij een gecertificeerde ‘Ik leer leren ’trainer

Stuur mij een bericht voor een vrijblijvende kennismaking.

Realistisch rekenen

Realistisch rekenen of traditioneel rekenen? Zwakke rekenaars zien door de verschillende strategieën door de bomen vaak het bos niet meer. Gebrek aan automatisering is vaak de oorzaak van reken- en wiskunde problemen op de middelbare school. Dit kan voorkomen worden door eerder ingrijpen op de basisschool en minder de focus op realistisch rekenen te leggen, voor beiden is wat te zeggen een combinatie zou goed zijn.

Wat wordt verstaan onder realistisch rekenen?

Eind vorige eeuw werd als vernieuwing op het traditionele rekenonderwijs het realistisch rekenen ingevoerd. Om meer en beter inzicht in rekenen te krijgen moesten kinderen zelf een oplossingsstrategie bedenken. Door het gebruik van strategieën werd de nadruk van automatiseren verlegd naar begrip. Een hele andere benadering van rekenen dan volgens het traditionele rekenonderwijs. Op zich klinkt dit allemaal best logisch. Helaas zien zwakke rekenaars door al die verschillende strategieen door de bomen het bos niet meer. Ook op middelbare scholen liep men tegen het probleem aan dat veel kinderen het basisrekenen zoals eerder bij het traditioneel rekenen werd aangeleerd misten. Veelal werden daarom bijspijkerklassen gestart. Het kost simpelweg te veel tijd om in de basis nog allerlei bewerkingen te moeten uitvoeren, tafels moet je bijvoorbeeld gewoon op kunnen dreunen. Veel middelbare scholieren lopen vast met wiskunde. Niet omdat ze het niet begrijpen maar simpelweg omdat de basis mist.

Zijn we aan het rekenen of leuke plaatjes aan het kijken?

Om het rekenen realistisch te doen overkomen is getracht om de belevingswereld van kinderen aan te spreken. Plaatjes van speelgoed, vakanties, kortom alles wat voor kinderen leuk is wordt gebruikt om vooral de opdrachten in een mooie context te plaatsen. Voor veel kinderen die visueel zijn ingesteld werkt dit zeer afleidend. En hierdoor dus nog verwarrender. Veel kinderen die voor de Kernvisie Methode worden aangemeld hebben hier last van.

Nog meer verwarring

Aan de hand van een eenvoudig voorbeeld zal ik laten zien dat uitgevers de plank wel eens mis slaan. Begrijpelijk is dat ze methodes mooi willen aankleden. Helaas worden de opdrachten hier niet altijd duidelijker van. Bijgevoegd heb ik een foto van een voorbeeld waar het, mijns inziens, goed mis gaat. Bij een opgave ligt een stripboek op een stickervel. De opdracht is: hoeveel stickers? Wat gaat hier mis? In de eerste plaats leidt het tekeningetje ongelofelijk af. Een soort Packman poppetje eet chips of is het een draak die vuurspuwt? Ah, bijna vakantie, we gaan lekker naar de Efteling naar Joris met de draak. Waar een methode leuk wil aansluiten bij de belevingswereld van een kind, wordt het doel van de som uit het oog verloren.

Problemen met de opdracht

De opgave zelf is ook niet duidelijk. Een stripboek dat zo groot is als 4 stickers is niet erg realistisch, om dat te zien hoef je geen rekenwonder te zijn. Dat wij dit zelf snel zien en weten te parkeren hoeft niet te betekenen dat een kind dit soort wetenswaardigheden ook gemakkelijk opzij schuift. De vraagstelling is ook niet duidelijk. Er staat: “Hoeveel stickers?” Hoeveel stickers wat, hoeveel stickers zie je niet, hoeveel stickers zie je in totaal, hoeveel stickers denk je dat er weg zijn? Daar kunnen verschillende antwoorden op zijn. Maar liefst 7 goede antwoorden! Het is maar net hoe je het leest.

Instructie

Een leerkracht legt natuurlijk uit aan een kind hoe een som moet worden gemaakt. En vaak als het dan niet goed is gegaan dan krijgt een kind te horen dat het had moeten opletten. Toch is dat niet helemaal eerlijk. Een kind moet constant allert zijn, schakelen. Het hoeft niet te leren hoe ze een simpel sommetje moeten intepreteren. Een uitgever moet leren hoe ze een vraag moeten stellen die niet op 7 manieren te interpreteren is. Dat lijkt mij een realisctische vraag.

Oproep

Mijn oproep aan uitgeverijen van lesmateriaal is dan ook om te stoppen met het “opleuken” van de werkboeken. En, laat je als school alsjeblieft niet verleiden tot de aanschaf van het kleurrijkste boek met de leukste tekeningen.

 

Raakt jouw kind ook in de war van die lastige rekensommen? Ik kan helpen! Stuur mij een bericht of maak een afspraak voor een vrijblijvend kennismakingsgesprek via 06-22479223

Vergoede Kernvisie trajecten via CJG zijn mogelijk, vraag naar de mogelijkheden.